De betekenis van de kleuren in de Groninger vlaggen en tekst van het "Grunnings volkslaid".De Groninger vlag, de vlag van de provincie Groningen...

 

De vlag van Groningen werd in 1950 aangenomen en toont een groen kruis op een wit kruis, met twee rode en twee blauwe hoeken. De kleuren zijn afkomstig van de vlaggen van de twee historische delen van de provincie Groningen: de stad Groningen en de Ommelanden.

 

 


De Groninger vlag, maar dan van de stad Groningen zelf....

De vlag van de stad en de gemeente Groningen werd nooit officieel vastgesteld.

Vanaf de 17e eeuw werd op de Groninger vlaggen en vaandelsvaak gebruik gemaakt van het stadswapen, eventueel gecombineerd met de kleuren groen en wit. In de huidige vorm met drie banen wordt de vlag voor het eerst aangetroffen in 1879. Later, in 1897, liet burgemeester Modderman weten "dat de vlag  dezer gemeente bestaat uit drie banen van gelijke breedte, waarvan de middelste groen en de beide andere banen wit gekleurd zijn.

De vlag is een rechthoekig vlak met drie horizontale banen die elk even hoog zijn. De banen hebben van boven naar beneden de kleuren wit, groen en wit. De vlag heeft een hoogte-breedteverhouding van 2:3. De kleuren zijn, net als die van het gemeentewapen, ontleend aan het wapen van de Groninger prefecten.

De vlag van de provincie Groningen  werd in 1950 afgeleid van de stad-roninger vlag.


Zoals vele provincie's heeft ook Groningen zijn eigen volkslied, zie hieronder voor de tekst:


Van Lauwerszee tot Dollard tou, 
van Drenthe tot aan 't Wad, 
doar gruit, doar bluit ain wonderlaand,
rondom ain wondre stad.
Ain pronkjewail in golden raand 
is Grunnen, Stad en Ommelaand; 
ain pronkjewail in golden raand 
is Stad en Ommelaand!

Doar broest de zee, doar hoelt de wind, 
doar soest 't aan diek en wad, 
mor rusteg waarkt en wuilt het volk, 
het volk van Loug en Stad.
Ain pronkjewail in golden raand 
is Grunnen, Stad en Ommelaand;
Ain pronkjewail in golden raand 
is Stad en Ommelaand!

Doar woont de dege degelkhaid, 
de wille, vast as stoal.
Doar vuilt het haart, wat tonge sprekt, 
in richt- en slichte toal. 
Ain pronkjewail in golden raand 
is Grunnen, Stad en Ommelaand; 
Ain pronkjewail in golden raand 
is Stad en Ommelaand!

Tekst: Geert Teis Pzn. (1919)
Muziek: G.R. Jager